Sociale mobiliteit: Individuen, groepen, buurten

Onderzoek

Het onderzoeksprogramma betreft de sociale stijging van individuen, groepen en buurten in Nederlandse steden: hoe voltrekken deze processen zich en welke factoren zijn hierop van invloed? De onderzoekers gaan specifiek in op de sociale stijging van jongeren uit verschillende etnische groepen, op de sociale dynamiek van de buurten waarin zij wonen en op de wijze waarop deze processen zich tot elkaar verhouden.

Het programma loopt van 1 april 2009 tot 1 april 2013. Gedurende het hele traject vinden momenten van kennisspreiding plaats via bijeenkomsten, workshops en papers.

 

Het programma heeft 3 deelprojecten:

  1. Sociale mobiliteit van individuen en groepen >>>
  2. Sociale stijging van buurten >>>
  3. Wisselwerking tussen de sociale mobiliteit van individuen en groepen en de sociale stijging van buurten >>>

 

Internationalisering van het project >>>

 

Deelproject 1: Sociale mobiliteit van individuen en groepen

Onderzoeksvraag: hoe verloopt de sociale mobiliteit van 2e generatie Turkse en Marokkaanse migranten, en welke factoren zijn hierop van invloed? In het bijzonder wordt gekeken naar processen van identificatie en sociale netwerken. En wat voor rol speelt de diversiteit van de wijk?
Aanpak: kwantitatieve analyse (bestaande survey data) en kwalitatieve analyse (gesprekken met wel/niet sociaal gestegen tweede generatie migranten en met sleutelfiguren)
Korte beschrijving : grote steden huisvesten een belangrijk deel van de migranten en hun kinderen. Zij maken een steeds groter deel uit van de stedelijke jeugd. Er is dan ook een groeiend besef dat de toekomst van de grote steden in Nederland nauw verbonden is met de slaagkans van deze tweede generatie in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Er is in toenemende mate sprake van een tweede generatie middenklasse in de grote steden. Het ontstaan hiervan is cruciaal voor de toekomst en de ontwikkeling van wijken met een grote concentratie van migranten en hun kinderen. We weten tegelijkertijd nog maar weinig over het ontstaan van deze nieuwe middenklasse en hoe steden kunnen bijdragen aan het bevorderen van haar opkomst.

 

Deelproject 2: Sociale stijging van buurten

Onderzoeksvraag: welke mechanismen leiden tot revitalisering van een buurt en wie opereren er als ‘agents of change’?
Aanpak: analyse imago van de wijk (media, publicaties gemeente, buurtverhalen); analyse belangrijkste actoren (netwerkanalyse, interviews); reconstrueren maatschappelijke context (in kaart brengen van sociale, economische en demografische ontwikkelingen in historisch perspectief).
Korte beschrijving: dit project heeft tot doel om te achterhalen welke factoren van invloed zijn op de kentering of revitalisering van wijken. De onderzoekers analyseren de sociale en economische dynamiek in een aantal buurten in Nederland die in hoge mate gemengd zijn in termen van hun culturele en sociale heterogeniteit. De rol van wijkbewoners en –ondernemers en stedelijk beleid, imago-ontwikkeling van de wijk en de wijkgeschiedenis zijn hierbij belangrijke aandachtspunten.
Want terwijl het publieke debat wordt gedomineerd door noties en scenario’s die spreken van ‘catastrofes’, laat de geschiedenis van zulke wijken zien dat zij niet alleen nu maar ook in het verleden steeds voor nieuwe uitdagingen is geplaatst (zoals de komst van nieuwe bewoners en veranderingen in bedrijvigheid), daar manieren voor heeft gevonden om er mee om te gaan en dat dat juist de wijk heeft gevormd.

 

Deelproject 3: Wisselwerking tussen de sociale mobiliteit van individuen en groepen
en de sociale stijging van buurten

Onderzoeksvraag: hoe verhoudt de revitalisering van buurten zich tot de sociale mobiliteit van bewoners met een achterstand?
Aanpak: longitudinale analyse van invloed van revitaliserende buurten op sociale mobiliteit van buurtbewoners en kwalitatief onderzoek naar de mechanismen waarvolgens buurtrevitalisering sociale mobiliteit tot gevolg kan hebben.
Korte beschrijving: in dit project worden de verbanden tussen de individuele stijging van stadsbewoners enerzijds en de revitalisering van de buurt waarin zij wonen anderzijds nader uitgewerkt. Onderzocht wordt of er een verband is tussen buurtrevitalisering en opwaartse sociale mobiliteit van bewoners met een achterstand. Vervolgens wordt nagegaan door welke mechanismen buurtrevitalisering sociale stijging van deze bewoners tot gevolg kan hebben

 

INTERNATIONALISERING

De thematiek die hier aan de orde wordt gesteld, is niet uniek voor Nederlandse steden. In tal van andere steden binnen en buiten Europa maakt men zich zorgen over de situatie in achterstandsbuurten. De bevindingen in Nederland worden daarom vergeleken met die in andere landen en steden:

  • Internationale vergelijking: een internationale groep van onderzoekers en beleidsmakers die reeds expertise hebben opgebouwd over de centrale vragen en thema’s uit dit onderzoeksprogramma dragen een hoofdstuk bij aan een bundel die wordt opgesteld door het consortium. De Nederlandse casussen krijgen in deze internationale vergelijking een plaats en ook vindt op die manier de integratie van de deelprojecten plaats.
  • Mobilisering internationale netwerken. Zowel de onderzoekers als de steden zijn betrokken in tal van internationale organisaties en netwerken die zich deels ook richten op thema’s die gerelateerd zijn aan sociale mobiliteit en buurtontwikkelingen. Deze netwerken worden intensief aangesproken.

 

 

IMES NICIS AISSR Universiteit Leiden